Tijdens de dagelijkse gesprekken met teamleden werk je aan vertrouwen, ontwikkeling en resultaat. In dit artikel lees je vijf zinnen die je misschien zelf wel eens gezegd hebt (of gedacht) en ontdek je waarom ze averechts werken.
Veel leidinggevenden zijn doorgegroeid vanuit de werkvloer. Ze kennen het werk goed en letten daardoor vooral op de taak. Maar leidinggeven is meer dan dat. Het gaat ook om het begeleiden en motiveren van mensen. En een verkeerde opmerking – ook al is het niet slecht bedoeld – brengt meer schade aan dan je zou denken.
Dit zijn vijf van dat soort uitspraken:
1. “Ik doe het zelf wel”
Natuurlijk, soms is het sneller om een taak zelf even af te maken. Maar als dat je standaardreactie wordt, kom je vroeg of laat in de problemen. Je medewerkers leren minder, jij blijft maar betrokken bij de uitvoering en het team wordt afhankelijk van jou. Precies wat je niet wilt. Als leidinggevende is het namelijk niet je taak om het werk zo snel mogelijk weg te werken, maar om je team er beter in te maken.
Zeg liever: “Laat eens zien hoe jij het zou aanpakken, dan kijk ik met je mee.”
2. “Dat is toch niet zo moeilijk?”
Voor jou misschien niet, nee, jij doet het al jaren! Deze zin is vaak niet kwaad bedoeld, maar komt wel hard aan. De medewerker hoort: blijkbaar ben ik dom, want voor jou is het simpel. Het gevolg is dat teamleden de volgende keer geen vraag meer durven te stellen.
Vraag daarom door in plaats van te oordelen.
Zeg liever: “Waar loop je precies op vast?”
3. “Laat het me weten als er iets is”
Klinkt behulpzaam, maar je legt de verantwoordelijkheid volledig bij de medewerker. Die moet nu zelf inschatten of iets belangrijk genoeg is om jou mee te storen. En bij twijfel kiest hij vaak van niet. Zo hoor je van problemen pas als ze veel te groot zijn of als er al veel tijd verloren is gegaan. Neem daarom liever zelf het initiatief.
Zeg liever: “Ik check over een uurtje even bij je hoe het gaat.”
4. “Zo doen we dat hier altijd”
Met deze zin gooi je de deur dicht voor nieuwe ideeën. Teamleden stoppen met meedenken en stellen geen verbeteringen meer voor. Zonde, want juist vanuit de praktijk komen de beste ideeën over wat beter en slimmer kan. Een nieuwe medewerker of een frisse blik ziet soms in één week wat jou na jaren niet meer opvalt.
Zeg liever: “Hoe zou jij het aanpakken?”
5. “Je had gewoon…”
Als er iets misgaat, flap je zo’n zin er zo uit. Maar de medewerker voelt zich er direct door aangevallen. Niet gek: de focus ligt op schuld in plaats van op leren, waardoor het gesprek op slot gaat. Terwijl je juist wilt weten wat er gebeurde, zodat het de volgende keer beter gaat. Onderzoek daarom eerst, voordat je oordeelt.
Zeg liever: “Hoe zou je dit de volgende keer kunnen voorkomen?”
De rode draad
Deze vijf voorbeeldzinnen hebben iets gemeen: ze slaan het gesprek dood in plaats van het open te houden. Dat gebeurt meestal niet expres. Vaak komt het voort uit je kennis van het vak. Je weet hoe het moet, je ziet de oplossing en laten we eerlijk zijn: je kunt het vaak gewoon zelf het beste. De verleiding is dan groot om het over te nemen of klein te maken.
En de verbetering is bijna altijd hetzelfde: luister en stel vragen. Wat maakt het lastig? Hoeveel tijd is er nodig? Wat zou jij anders doen? Zulke vragen houden het gesprek open en houden je teamleden betrokken en enthousiast voor hun vak.
Wil je groeien in je rol als leidinggevende? Volg dan één van onze leiderschapstrainingen. Ontdek hoe belangrijk goede communicatie is en hoe je je team meekrijgt in plaats van tegenwerkt.

Je hebt een team vol gemotiveerde, capabele mensen. En toch loopt de samenwerking stroef. Ontdek waarom én wat je eraan doet.
Download whitepaper








